GEESTELIJKE GEZONDHEIDSZORG (GGZ) O.b.v Beleidsvisie GGZ 1999 van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Postbus 20350, 2500 EJ Den Haag (reg.nr. ISDN 9056351230). Raakvlak GGZ en maatschappij Over het begrip GGZ zijn veel misverstanden. Dit komt mede doordat de psychiatrische hulpverlening het begrip voor het grootste gedeelte naar zich toegetrokken heeft. In genoemde beleidsvisie wordt door minister Borst ingegaan op wat GGZ is: "...een beperking van het domein van de GGZ tot de zogenoemde "harde psychiatrie" acht ik geen wenselijke benadering. Waar psychische problemen of psychiatrische stoornissen voor een individu leiden tot ernstig psychisch lijden of tot ernstige beperkingen in diens maatschappelijke leven, is er een taak voor de collectief gefinancierde GGZ". Zij vervolgt elders: " Het zorgproces in de GGZ is onvoldoende helder georganiseerd. Om mensen met psychische problemen snel een passend zorgaanbod te kunnen bieden, is een aantal verbeteringen noodzakelijk. Belangrijk zijn een versterking van de eerstelijnszorg en van de rol van de huisarts, een strak gestructureerde toegang tot de gespecialiseerde GGZ, een transparante en doelmatige organisatie van het zorgaanbod, en verbetering van de samenwerking tussen de gespecialiseerde GGZ en gemeenten". De gemeenten verzorgen immers de Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ). Ten aanzien van het werk op het raakvlak GGZ en OGGZ denkt de minister aan:"Ontwikkeling van een actief GGZ-preventie- en geestelijk volksgezondheidsbeleid, dat zich gaat richten op de raakvlakken tussen de GGZ-sector en andere zorgsectoren, organisaties van maatschappelijke dienstverlening en lokale overheden en op een nadere analyse van factoren die geestelijke ontsporingen veroorzaken, en van de mogelijkheden om die te voorkomen." Als belangrijkste speerpunt in haar beleid noemt de minister: "De versterking van de eerstelijn en de rol van de huisarts"; waarvoor in 2001 40-miljoen NLG door de regering is besteedt. Begrip GGZ Uitgaande van de beleidsvisie is het GGZ-traject: de huisarts (als poortwachter van de gespecialiseerde GGZ), het algemeen maatschappelijk werk en de eerstelijns-psycholoog die zonder verwijzing toegankelijk zijn. Voorts is er de gespecialiseerde GGZ die zowel tweede, derde als vierde* lijn omvat, en waarvoor altijd verwijzing noodzakelijk is (* = o.a. verpleeghuizen). Kortom: de GGZ is "breder" dan men in de regel denkt! De psychiatrie is een onderdeel van de gespecialiseerde GGZ, hoewel zij vaak naar buiten toe de indruk maakt dat zij de gehele GGZ omvat. Tenslotte de cliënten De rol van de cliënten in de gespecialiseerde GGZ is geregeld in de Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen (WMCZ). Bij de eerstelijns-zorg is ervan invloed van de cliënten nog weinig sprake. De minister merkt over cliënten en hun belangen o.a. op: "De positie van cliënten als gesprekspartner in de regio kan alleen worden gerealiseerd als er sprake is van goed georganiseerde cliëntenorganisaties, met relaties op landelijk niveau. Hiervan is nog onvoldoende sprake". "Er zijn nog te weinig door cliënten zelf georganiseerde alternatieve hulpmogelijkheden (consumer-run projecten)". Uit eerder onderzoek, o.a. uit de Week van de Psychiatrie van 1996, is gebleken dat de cliënten/patiënten dringend behoefte hebben aan informatie vanuit het cliëntenperspectief; o.a. het InformatieSteunPunt GGZ (ISP), levert daar een bijdrage aan. Oktober 1999, Ton de Vries. |